Gerechtelijke reorganisatie: bedrijven in moeilijkheden redden
Gerechtelijke reorganisatie beschermt een onderneming in moeilijkheden tegen haar schuldeisers terwijl ze herstelt. Hier leest u de voorwaarden van Boek XX, de drie mogelijke sporen en het verschil met een faillissement.

Gerechtelijke reorganisatie in het kort
Een onderneming in moeilijkheden hoeft niet failliet te gaan. Gerechtelijke reorganisatie biedt haar tijdelijke bescherming tegen haar schuldeisers. Ze zet haar activiteit voort terwijl ze onderhandelt of een plan voorbereidt. Boek XX van het Wetboek van economisch recht regelt deze procedure. De FOD Economie verstrekt ook nuttige informatie voor ondernemingen in moeilijkheden.
Het doel verschilt van dat van een faillissement. Hier probeert men de onderneming geheel of gedeeltelijk te redden. Een faillissement draait vooral om de vereffening van de activa.
Wie kan gerechtelijke reorganisatie aanvragen?
Elke onderneming in de zin van het Wetboek van economisch recht kan het verzoek indienen. De hoofdvoorwaarde: de continuïteit van de onderneming staat op korte of langere termijn onder druk. De wet eist geen staking van betaling. Integendeel, u handelt beter vroeg, wanneer de kas nog wat marge laat.
Dit zijn de meest voorkomende alarmsignalen.
- Oplopende schulden bij de RSZ, voor btw of voor bedrijfsvoorheffing.
- Eigen vermogen dat door verliezen wegsmelt.
- Een grote klant die wegvalt, of een sleutelleverancier die contante betaling eist.
- Een bank die een kredietlijn niet verlengt.
De ondernemingsrechtbank volgt zulke signalen trouwens op via haar kamer voor ondernemingen in moeilijkheden.
Het verzoekschrift indienen
Het dossier moet meteen overtuigen.
De inhoud van het dossier
De onderneming dient een verzoekschrift in bij de griffie van de bevoegde ondernemingsrechtbank. Ze voegt daar onder meer bij:
- Een uiteenzetting van de gebeurtenissen die de continuïteit bedreigen.
- De jaarrekeningen van de laatste twee boekjaren.
- Een recente boekhoudkundige staat van hoogstens drie maanden oud.
- Een begroting van ontvangsten en uitgaven voor de duur van de gevraagde opschorting.
- De lijst van schuldeisers, met het bedrag van hun vorderingen.
- De maatregelen die de activiteit moeten herstellen.
Het openingsvonnis
De rechtbank wijst een gedelegeerd rechter aan, die het dossier opvolgt. Daarna hoort ze de onderneming in raadkamer. Vindt ze het verzoek ontvankelijk, dan opent ze de gerechtelijke reorganisatie en kent ze een opschorting toe. De rechtbank bepaalt de duur van die opschorting en kan ze binnen wettelijke grenzen verlengen.
De opschorting: wat verandert voor schuldeisers
Tijdens de gerechtelijke reorganisatie bevriest de opschorting de druk van de schuldeisers.
- Schuldeisers in de opschorting mogen geen beslag leggen op de goederen van de onderneming.
- De rechtbank kan tijdens de opschorting geen faillissement uitspreken.
- Lopende contracten lopen door.
- De onderneming behoudt in principe het beheer van haar zaken.
Let op: de opschorting schrapt de schulden niet. Ze geeft enkel tijd. Schulden die tijdens de procedure ontstaan, moet u ook gewoon betalen.
De drie sporen van gerechtelijke reorganisatie
De keuze van het spoor hangt af van de situatie van de onderneming.
1. Het minnelijk akkoord
De onderneming onderhandelt met meerdere schuldeisers. De partijen bepalen vrij de voorwaarden: spreiding, vermindering of omzetting van schulden. De rechtbank stelt het akkoord daarna vast, en het bindt enkel de ondertekenaars. Dit spoor blijft het meest discreet.
2. Het collectief akkoord
De onderneming legt een reorganisatieplan voor aan alle schuldeisers in de opschorting. Het plan kan betalingen spreiden en bepaalde vorderingen verminderen. De looptijd bedraagt hoogstens vijf jaar. Daarna stemmen de schuldeisers volgens de meerderheden uit het wetboek, in principe berekend op aantal en bedragen. Na homologatie bindt het plan alle schuldeisers in de opschorting, ook wie tegenstemde.
3. De overdracht onder gerechtelijk gezag
De rechtbank stelt een gerechtsmandataris aan. Die organiseert de verkoop van de activiteit, geheel of gedeeltelijk, aan een overnemer. Voor de overgenomen werknemers gelden de regels van cao nr. 102. De opbrengst gaat daarna naar de schuldeisers, volgens hun rang. Dit spoor van gerechtelijke reorganisatie redt de activiteit, niet altijd de vennootschap zelf.
Gerechtelijke reorganisatie of faillissement?
Alles hangt af van de levensvatbaarheid van de activiteit.
- Rendabele activiteit, maar te zware schulden uit het verleden: vaak een collectief akkoord.
- Enkele grote schuldeisers die willen onderhandelen: soms volstaat een minnelijk akkoord.
- Levensvatbare activiteit, maar een vennootschap met te veel schulden: de overdracht redt jobs.
- Geen enkel vooruitzicht op rendabiliteit: een faillissementsprocedure of vereffening wordt realistischer.
Fouten die een gerechtelijke reorganisatie doen mislukken
Dit zijn de valkuilen die wij het vaakst zien.
- Wachten tot het laatste beslag voordat u de opschorting vraagt.
- Een verzoekschrift indienen met een onrealistische begroting.
- Vergeten de schulden te betalen die tijdens de procedure ontstaan.
- De communicatie met werknemers en sleutelleveranciers verwaarlozen.
- Zonder advies doorgaan terwijl de bestuurdersaansprakelijkheid in het geding kan komen.
Een geloofwaardig plan bouwen met Juristelo
De rechtbank en de schuldeisers beoordelen eerst uw cijfers. Een reorganisatieplan moet tonen waar het geld voor de afbetalingen vandaan komt. Met Juristelo bouwt u een kasplan per maand voor de duur van de opschorting. U test ook meerdere afbetalingsscenario's voordat u ze voorstelt. Een goed onderbouwde gerechtelijke reorganisatie wekt meer vertrouwen.
Werk met uw eigen cijfers
Juristelo bouwt uw financieel plan en businessplan op basis van uw antwoorden. U krijgt een dossier klaar voor uw bank.
Bekijk de formules

