Stichting oprichten: soorten, stappen en valkuilen
Een stichting koppelt vermogen aan een belangeloos doel, zonder leden. Zo pakt u een private stichting of een stichting van openbaar nut aan: stappen, fiscaliteit en valkuilen.

Rechtspersoon zonder leden
Een stichting wijst vermogen toe aan een belangeloos doel. Ze heeft geen leden. Eén of meer stichters dragen goederen over, waarna het bestuursorgaan die beheert. Boek 11 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen (WVV) regelt deze rechtsvorm.
Het verschil met de vzw zit dus in de structuur. De vzw brengt mensen samen rond een project. De stichting vertrekt daarentegen vanuit vermogen voor een zaak. Net als de vzw kent ze geen vermogensvoordeel toe aan stichters of bestuurders, behalve binnen haar doel.
Private stichting of stichting van openbaar nut?
Het WVV voorziet twee modellen. De keuze hangt af van uw project en van de controle die u aanvaardt.
Het private model
De private stichting blijft de meest toegankelijke vorm. Eén stichter volstaat, natuurlijke persoon of rechtspersoon. De wet eist geen minimaal vermogen. Deze stichting ontstaat bij notariële akte of bij testament. Ze verkrijgt rechtspersoonlijkheid vanaf de neerlegging ter griffie van de ondernemingsrechtbank.
De toepassingen lopen sterk uiteen. Zo kan een familie duurzaam een sociale zaak steunen. Verzamelaars kunnen ook hun collectie na hun overlijden bewaren. Sommige private stichtingen houden bovendien aandelen van familiebedrijven aan, om de samenhang te bewaren.
Het model van openbaar nut
De stichting van openbaar nut streeft een doel van algemeen belang na. Denk aan filantropische, wetenschappelijke, artistieke of culturele werken. De erkenning gebeurt bij koninklijk besluit, na een aanvraag bij de FOD Justitie. Dat statuut versterkt de geloofwaardigheid bij schenkers. Anderzijds nemen formaliteiten en controle toe.
Stappen om uw stichting op te richten
De oprichting volgt een eenvoudige volgorde.
Bij de neerlegging krijgt de stichting haar ondernemingsnummer in de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO). Daarna registreert ze haar uiteindelijke begunstigden in het UBO-register. Ons artikel over publicatie in het Staatsblad legt die stap uit. Publicaties raadpleegt u op de site van het Belgisch Staatsblad.
Inhoud van de statuten
De statuten vermelden onder meer:
- de identiteit van de stichter of stichters.
- de naam en de zetel.
- het belangeloze doel en de activiteiten binnen het voorwerp.
- samenstelling, benoeming en bevoegdheden van het bestuursorgaan.
- de voorwaarden om de statuten te wijzigen.
- de bestemming van het vermogen bij ontbinding.
Besteed vooral aandacht aan de wijzigingsregels. Zonder ledenvergadering kan niemand te strakke statuten eenvoudig aanpassen.
Bestuursorgaan
Dit orgaan leidt de stichting dagelijks. De statuten bepalen de samenstelling en de benoemingswijze. De stichter mag erin zetelen, maar haalt er geen persoonlijk voordeel uit. Regel ook de opvolging van bestuurders, want een stichting overleeft vaak haar stichters.
Bestuurders zijn aansprakelijk voor fouten. Lees daarover onze gids over bestuurdersaansprakelijkheid.
Fiscaliteit en giften
In principe valt de stichting onder de rechtspersonenbelasting. Ze valt echter onder de vennootschapsbelasting als ze hoofdzakelijk winstgevende verrichtingen doet. Daarnaast geldt de taks tot vergoeding der successierechten: 0,17 % zodra de activa 25.000 € overschrijden.
Schenkers kunnen een belastingvermindering van 45 % krijgen. Daarvoor is minstens 40 € per jaar aan een erkende instelling nodig. De stichting moet die erkenning dus hebben voordat ze het voordeel belooft. De voorwaarden staan op de site van de FOD Financiën.
Verplichtingen na de oprichting
Net als de vzw voert de stichting een boekhouding volgens haar grootte. Kleine stichtingen mogen een vereenvoudigde boekhouding voeren. Boven de criteria uit het WVV wordt dubbele boekhouding verplicht. Grote stichtingen leggen hun jaarrekening dan neer bij de NBB. Elk jaar stelt het bestuursorgaan ook rekeningen en begroting vast. Meer over de neerlegging van de jaarrekening.
Veelgemaakte fouten
- Te weinig vermogen voorzien voor het aangekondigde doel.
- Statuten opstellen die niet te wijzigen zijn.
- Fiscaal aftrekbare giften beloven zonder erkenning.
- Vermogen van stichter en stichting door elkaar halen.
- Het UBO-register vergeten na de neerlegging.
- Voor de stichting kiezen terwijl het project op actieve leden steunt.
Neem een cijfervoorbeeld, louter ter illustratie. Een stichter brengt 10.000 € in om elk jaar studiebeurzen te financieren. Dat kapitaal raakt snel op. Beperk dan het doel of voorzie regelmatige inbreng.
Stichting of vzw?
Kies de vzw als het project op leden steunt. Daarvoor zijn twee stichters en onderhandse statuten nodig. Kies de stichting als vermogen een zaak op lange termijn moet dienen. Eén stichter volstaat, maar u hebt een notariële akte of testament nodig. Vergelijk met onze gids over vzw-oprichting.
Samengevat
Een stichting zet vermogen in voor een doel, zonder leden en zonder winstverdeling. Het private model past bij familiale of discrete filantropische projecten. Het model van openbaar nut dient erkende doelen van algemeen belang. In beide gevallen voorkomen doordachte statuten blijvende blokkeringen.
Berekent u de begroting van uw stichting? Juristelo helpt u een financieel plan over meerdere jaren op te bouwen, zodat u ziet of het vermogen volstaat.
Werk met uw eigen cijfers
Juristelo bouwt uw financieel plan en businessplan op basis van uw antwoorden. U krijgt een dossier klaar voor uw bank.
Bekijk de formules

